De eerste weken op de RISS!

Na al mijn vakantieartikelen waar misschien wel geen einde aan leek te komen, lijkt het me tof om met jullie te delen hoe het de afgelopen weken is gegaan op mijn nieuwe werk. Mocht je het gemist hebben: sinds dit schooljaar heb ik een nieuwe baan. Ik ben nu fulltime docent Nederlands als tweede taal op de Rotterdam International Secondary School – kortweg de RISS. Vandaag vertel ik jullie meer over wat ik de afgelopen weken heb uitgespookt en hoe het gaat!

Koffie met verse appeltaartjes: can get used to this 💛🍰☕ #riss #workworkwork

A post shared by Linda Bestebreur (@lindabestebreur) on

Ik plaats op Instagram regelmatig foto’s en stories van hoe mijn werkdagen eruit zien. Natuurlijk komen op mijn account uiteindelijk alleen maar de fancy foto’s en niet de momenten dat het stressvol of chaotisch is, haha! De eerste foto die ik op de RISS maakte is bovenstaande, van de mini-appeltaartjes tijdens één van de introductiedagen. Als je het leuk vindt om me te volgen dan kan dat natuurlijk, gewoon even op de link klikken!

De introductiedagen 
Op woensdag 16 augustus begon mijn avontuur op de RISS. Er was die dag een introductie speciaal voor de nieuwe docenten. Er zijn dit jaar maar liefst 10 nieuwe docenten gestart, dus ik was absoluut niet de enige! Dat maakte het wel wat minder spannend, maar alsnog was ik best wel zenuwachtig. Het is altijd afwachten hoe je collega’s gaan zijn (ik had twee mensen ontmoet, plus de directeur die met pensioen is gegaan en waarvoor nu een nieuwe directeur is gekomen, en natuurlijk Philip, een oud-klasgenoot van mij van de lerarenopleiding die me aan deze baan heeft geholpen waarvoor ontzettend veel dank natuurlijk), hoe de school is én ik vond het ook heel spannend om ineens vooral Engels te praten en geen Nederlands meer. Ik vond het echter eigenlijk gelijk leuk en ik werd heel snel op mijn gemak gesteld. Mijn collega’s zijn allemaal lief en vriendelijk en bovenal zijn ze heel erg behulpzaam. Ik kan alles vragen als ik iets niet weet, er is altijd wel iemand die me helpt. Dat vind ik heel erg fijn. Daarnaast is het een vrij kleine school (voor een internationale school zijn we blijkbaar best groot, maar met zo’n 400 leerlingen vind ik het lekker klein en behapbaar) en daardoor leerde ik snel de weg en de mensen kennen. Dat is ook heel fijn. Mijn vorige school was ook erg klein (500 leerlingen ongeveer) en dat beviel me ontzettend goed. Ik ben dus heel dankbaar dat ik nu weer op zo’n kleine school met zo’n fijne sfeer mag werken!

De tweede introductiedag was gelijk een stuk minder spannend en bestond vooral uit heel veel informatie en nieuwe mensen – dat was namelijk voor alle docenten. Ook de vrijdag zag er zo uit. Op maandag heb ik talloze nieuwe leerlingen ontmoet die getest moesten worden om hun niveau Nederlands te bepalen en om hen zo in de juiste klas in te kunnen delen. Op dinsdag ontmoette ik voor het eerst mijn tutorleerlingen – ik ben dit jaar ook voor het eerst mentor, van een grade 7 klas. Deze leerlingen hebben de leeftijd van brugklassers op een Nederlandse school. Erg leuk! Ik heb 10 mentorleerlingen, de klassen bij ons bestaan allemaal maximaal uit ongeveer 16 leerlingen; soms heb je er iets meer maar meestal minder. Heel erg fijn, want daardoor kan je iedereen de aandacht geven die zij/hij verdient. Ik heb natuurlijk de allerleukste mentorleerlingen, dat begrijpen jullie 😉 Maar zonder gekheid: de leerlingen zijn allemaal erg leuk en grappig, de meeste mag ik heel graag en je leert ze erg snel kennen, ze zijn open en eerlijk. Daarnaast viel het me gelijk op hoe beleefd en behulpzaam ze zijn, dat vind ik ook erg leuk aan de RISS.

De eerste lessen / weken 
Ik geef dus Nederlands als tweede taal, bij ons heet dat Dutch foreign. Ik geef les aan de beginners en de intermediates (gemiddelden) en dan is er nog een hoger niveau, advanced. Ik heb één klas in grade 6/7 (die zijn met elkaar gecombineerd in één klas bij mij) en daarnaast twee klassen in grade 8, twee klassen in grade 9 en twee klassen in grade 10. Van alles wat dus, erg leuk! Er zijn leerlingen bij die nauwelijks Nederlands spreken, leerlingen die al vrij goed Nederlands spreken maar nog niet goed schrijven, leerlingen die het goed verstaan maar nog niet zo goed spreken en van alles daartussenin. Van alles wat dus! We gebruiken niet één methode, hoewel ik voor de oudere leerlingen (grade 9 en 10) wel dezelfde methode gebruik en voor de jongere leerlingen (grade 6 t/m 8) ook. Ik maak veel materiaal ook zelf of ik haal het overal en nergens vandaan. Op die manier stel ik mijn lessen samen.

Het is een uitdaging, maar wel een hele leuke. Ik heb het tot nu toe erg naar mijn zin, hoewel ik na de eerste week wel héél erg moe was. De week erna was ik ook gelijk twee dagen ziek, haha. Mijn lijf was het duidelijk nog niet gewend, zo’n fulltime baan! Inmiddels gaat het gelukkig al een stuk beter. Komende week wordt ook mijn rooster als het goed is definitief goed gefikst, want tot nu toe waren er nog wat problemen met dubbele klassen, klassen die ik helemaal geen les geef maar die wel in mijn rooster stonden en dat soort dingen. Dat schijnt vaker voor te komen, maar komt dus helemaal goed binnenkort! Ik ken inmiddels de meeste leerlingen bij naam én ik heb ook een beter idee hoe ik mijn lessen vorm kan geven en wat de leerlingen al wel en nog niet goed kunnen. Dat is erg leuk om te ontdekken.

Ik heb mijn Engels in de afgelopen weken ook aanzienlijk verbeterd. Dat komt natuurlijk omdat ik vrijwel de hele dag Engels spreek, vooral met mijn collega’s maar ook met een deel van de leerlingen. Als ze iets niet begrijpen in het Nederlands moet ik het wel in het Engels uit kunnen leggen. Soms gebruik ik alsnog wel Google Translate of moeten mijn leerlingen me even helpen wat iets betekent, maar ze zijn gelukkig erg geduldig en behulpzaam. We kunnen er ook wel flink om lachen als ik iets niet weet of over mijn woorden struikel. Zo leer ik iedere dag nieuwe woorden in het Engels en leren zij iedere les nieuwe Nederlandse woorden 😉 Met Nederlandse collega’s spreek ik meestal wel gewoon Nederlands, maar als er iemand bij zit die Engels spreekt dan schakelen we vanzelf om. Het wordt steeds makkelijker en dat is wel fijn. De fijne kneepjes van het vak en het heel precies kunnen aanduiden wat je vindt of wilt lukt nog niet altijd, maar ik merk wel dat het steeds beter wordt. Dat is fijn om te merken en het geeft ook zelfvertrouwen.

Kortom: tot nu toe ben ik heel tevreden, ook al gaan er soms dingen mis en verlopen sommige dingen nog chaotisch. Alle begin is lastig en het gaat al een stuk beter dan eerst. Ik heb zin in het komende schooljaar! 🙂 Als jullie het leuk vinden zal ik wel wat vaker een persoonlijke update schrijven waarin ik wat vertel over mijn werk. Daarnaast kun je me zoals gezegd ook altijd op Instagram volgen, waar ik regelmatig updates post!

 

Advertenties

Persoonlijke update | Heel goed nieuws!

Het is alweer een hele tijd geleden dat ik een persoonlijke update heb geschreven. Omdat ik afgelopen week heel goed nieuws heb gekregen, leek het me fijn om weer zo’n update te schrijven en het nieuws met jullie te delen.

Zoals jullie denk ik wel weten, heb ik van december tot de meivakantie gewerkt als docent Nederlands op het vmbo voor Vormgeven & Media in Rotterdam. Dit was echt heel erg leuk! Helaas was het een ziektevervanging en dus stond ik eind april weer op straat. Mijn collega was weer terug en er was geen plaats meer voor mij om te blijven.

Na een paar weken vakantie ben ik weer fanatiek gaan solliciteren. Vrijwel alle functies die nu online komen – en dat zijn er heel veel, vanaf de meivakantie tot eind juni komen de meeste vacatures voor het nieuwe schooljaar online – zijn voor het nieuwe schooljaar, dus besloot ik me daarop te focussen. Tot die tijd kan ik wel post bezorgen twee keer per week, dus het is niet dat er helemaal geen geld binnenkomt en ik niets te doen heb (hoewel de dagen soms wel lang duren). Ik ben bij vier verschillende onderwijsbureaus langs geweest en heb een aantal andere waar ik nog ingeschreven stond weer ‘aangewakkerd’ zodat zij ook weer op zoek zouden gaan voor mij. Je zou denken dat als zoveel mensen – nog even los van iedereen in mijn omgeving die mee ging zoeken! – voor je zoeken dat het dan wel moet lukken. Helaas volgde de ene na de andere afwijzing van alle kanten. De meeste vacatures waar ik op solliciteerde zijn trouwens voor docent Nederlands; omdat ik nu wat ervaring heb leek dat me makkelijker – er is veel meer werk in dan geschiedenis. Natuurlijk greep ik ook iedere vacature voor geschiedenis aan.

De afgelopen twee weken keerde echter ineens het tij. Ik kreeg in twee dagen twee uitnodigingen om op gesprek te komen. Beide gesprekken waren voor docent Nederlands. Het eerste gesprek was in Delft, op een school voor vmbo basis t/m gemengde leerweg. Ik maakte er een wat langere dag in Delft van en had ’s middags mijn gesprek. Een studiegenootje van vorig jaar werkt ook op deze school en zij is er heel enthousiast over. Ik voelde me eigenlijk gelijk wel thuis in de school en ook het gesprek was erg leuk en positief. Ik had er een goed gevoel over, maar zou nog een week ongeveer moeten wachten op de uitslag. Ik was namelijk – logisch – niet de enige kandidaat. Inmiddels zijn we anderhalve week verder en heb ik, na een email waarin stond dat ik begin deze week iets zou horen, nog steeds niets gehoord. Vervelend vind ik dat altijd.

Het tweede gesprek was de week erna op woensdagmiddag in Dordrecht. Dit was op een christelijke school voor havo/vwo, ook voor Nederlands trouwens. Wel een héél andere school dan die in Delft dus! Ook hier had ik gelijk een goed gevoel bij. Het gesprek verliep goed, ik kon me goed presenteren – ik merk dat ik daar wel steeds beter in word, omdat je vaak dezelfde vragen krijgt (hoe los je problemen op in de klas? Wat zijn je sterke punten als docent? Wat vind je belangrijk en leuk in het onderwijs?) en je dus goed kunt voorbereiden, zodat je presentatie steeds beter wordt. Ik vind het wel lastig nog steeds om niet té zelfverzekerd te zijn (‘ik doe dit wel even’) maar ook niet te onzeker, zodat ze denken ‘oké laat maar, die kan het niet aan.’ Het gesprek in Dordrecht ging dus ook goed en ik had ook gelijk een goed gevoel bij de school. Het was een heel oud mooi gebouw met mooie vloeren en mooie details, daar houd ik erg van. Mijn eigen middelbare school is ook zo en daar deed het me aan denken. Dat vond ik wel fijn. In Dordrecht was ik de laatste sollicitant dus ik zou de volgende middag gelijk iets horen. Die donderdag heb ik natuurlijk de hele middag zitten wachten op een telefoontje en op het moment dat ik dacht ‘ik ga zo echt zelf bellen!’ werd ik gebeld (het was inmiddels 16.30 uur geweest). Helaas was ik afgewezen. Het lag niet aan mij of mijn presentatie, die was heel goed en dat sprak hen ook erg aan, alleen heb ik (nog) geen bevoegdheid voor Nederlands en niet zoveel ervaring dus hebben ze om die reden voor iemand anders gekozen die dat wel heeft. Begrijpelijk, maar wel heel jammer. Ik baalde er ook goed van en had eigenlijk, ook omdat ik uit Delft nog steeds niets gehoord had, het gevoel dat het nooit meer wat zou worden. Dat is natuurlijk onrealistisch, ik weet het, maar dat voelt op zo’n moment niet zo.

Al voordat ik naar Dordrecht ging voor dit gesprek had een studiegenootje van vorig jaar (we hebben nog een app-groep en helpen elkaar daarin ook aan vacatures en tips, en het is ook gewoon heel gezellig nog, echt fijn) gezegd dat ze bij hem op school op zoek waren naar een docent Nederlands voor anderstaligen (die Nederlands dus als tweede taal hebben), hij werkt namelijk op de internationale school in Rotterdam. Ik was wel geïnteresseerd maar wilde even het gesprek in Dordrecht afwachten. Toen ik daar afgewezen was heb ik gelijk gemaild naar de leidinggevende van die studiegenoot en binnen een half uur had ik een reactie met daarin ‘je kunt maandag langskomen voor een gesprek.’ Oké, dát ging snel!

Zo gezegd, zo gedaan. Maandagmiddag om 15 uur had ik mijn derde sollicitatiegesprek in drie weken. Degene met wie ik het gesprek had is zelf niet Nederlands, zoals bijna iedereen die daar werkt, dus het interview was ook in het Engels. Gelukkig verstond ze wel Nederlands en was het niet erg dat ik af en toe even niet uit mijn woorden kwam. Ik vond het wel heel spannend, omdat ik nog nooit zoiets gedaan had in het Engels én omdat ik ook nog nooit Nederlands als tweede taal heb gegeven. Ik kreeg gelijk een rondleiding door de – overzichtelijke en kleine – school (er zitten ongeveer 300 leerlingen en er werken iets van 50 mensen totaal) en een gesprekje met een docent Nederlands, die me van alles vertelde over het vak. Ik begon het steeds leuker te vinden, maar zag (en zie) het nog wel als een grote uitdaging. Er zijn beginnersgroepen, dus leerlingen die nog vrijwel geen Nederlands spreken, een groep die in het midden zit en een advanced groep met leerlingen die al heel goed de taal beheersen. De leerlingen zijn tussen de 11 en 18 jaar oud, want de school volgt een internationaal curriculum waarbij alles dus wat anders is ingedeeld. Hier weet ik zelf verder ook nog niet zoveel van af, dus daar kan ik later misschien wat meer over vertellen.

Terug bij de leidinggevende na de rondleiding en het leuke gesprek met de docent Nederlands, zei ze ‘en, lijkt het je wat?’ Eeeeh ja, ik ben wel enthousiast? Heb je geen andere kandidaten dan? Moet ik niet weggestuurd worden met ‘je hoort het volgende week wel’ of iets in die richting? Nee. Ze zei ‘je mag er ook nog wel even over nadenken, maar ik heb hier een formulier dat je voor je aanstelling kunt invullen en dan ben je binnen.’ JA HALLO, dan ga ik natuurlijk niet meer nadenken! Ik zou wel gek zijn als ik het niet zou doen! Rond 16 uur stond ik weer buiten mét een nieuwe baan! Vanaf half augustus ben ik docent Nederlands als tweede taal (zoals het officieel heet) op de Rotterdam International Secondary School (RISS). En dat fulltime! Het zijn 21 lesuren van 45 minuten, maar ik krijg 10% extra werktijd omdat ik startend docent ben. Heel fijn. Volgende week heb ik nog een arbeidsvoorwaardengesprek op een andere locatie in Rotterdam – bij de overkoepelende organisatie waar de school deel van uit maakt – maar ik ben al binnen, want ik heb al een formulier ingevuld.

Wow. Ik kan het nu, een paar dagen later, wel beseffen, maar toen ik buiten stond echt nog niet. Ik heb gelijk iedereen gebeld en natuurlijk was iedereen hartstikke blij. Toen ik thuis was heb ik even een héél groot vreugdedansje gemaakt en mijn studiegenootje gelijk een pizza beloofd want hij heeft me aan deze baan geholpen. Echt, woooo. Ik dacht vorige week nog ‘dit wordt niets meer’ en nu heb ik ineens een fulltime baan! De komende tijd gebruik ik dus als een soort vakantie waarin ik me vast wat kan inlezen en kan oriënteren op de baan. Daarnaast geniet ik nog even lekker van mijn vrije tijd en van het post bezorgen waar ik uiteraard mee ga stoppen, en in juli gaan we nog op vakantie naar Polen, dus dat is ook leuk om naar uit te kijken en plannen voor te maken.

Ik wil je bedanken als je dit helemaal gelezen hebt, haha, en ik wil iedereen bedanken voor alle meeleven de afgelopen tijd en het mee zoeken en het geven van tips en alle lieve en opbeurende woorden. Daar ben ik echt heel dankbaar voor. Ik ben benieuwd naar mijn nieuwe uitdaging en ik ga jullie er als het zover is natuurlijk nog van alles over vertellen!